START NL START ENG JAZZ BLUES-ROOTS PICTURE THIS ! GALLERY JAZZCD BLUES-ROOTSCD  AGENDA  REPORTAGES/COMMENTARIES LINKS GASTEN/GUESTS CONTACT
SLIDESHOW JAZZ SLIDESHOW BLUES - ROOTS SLIDESHOW DIVERSE ARCHIEF  or click the  HOME - JASSEPOES index homecat to go back home !


   


  VRIJ 12 AUG - FESTIVALDAG 1       ZAT 13 AUG - FESTIVALDAG 2

   ZON 14 AUG - FESTIVALDAG 3       MAA 15 AUG - FESTIVALDAG 4


Jazz Middelheim info


 

MAANDAG 15 augustus




De verscheidenheid die dag vier kleurde, gaf aanleiding om te mijmeren en beschouwend terug- en vooruit te blikken. Het aanbod op de 30ste editie was zo ruim, in de breedte en in de geschiedenis over de hele tijdspanne reikend van het prille ontstaan tot waar de vooruitstrevende stromingen toe leiden, dat de vraag rijst wat volgend jaar in petto zal hebben. Dit jaar speelde alles zich af rond België (dag 1) en (gespreid over volgende) drie continenten: Europa, Amerika en Afrika. Daarbij kwam dan wel de invloed van Joodse historiek en muzikale tradities, maar dan wel vanuit Amerika. Misschien is het volgend jaar tijd om onder meer nog een keer de invloed van India en meer bepaald de rijzende sterren met roots in het Oosten te belichten? Denken we maar aan Vijay Iyer, Rudresh Mahanthappa, Rez Abassi of Jon Irabagon, Amerikanen die niet louter verder breien op hun wortels of de nalatenschap van de spiritueel gedreven John Coltrane. De opkomst bij deze editie kan programmator Bertand Flamang alleen maar een hart onder de riem steken om ook volgende keer in een breed gamma aan muziek te voorzien die strictu senso onder de term jazz valt en andere die losjes bij jazz aansluit. Zoals blijkt uit de publieksopkomst, het opdiepen van oude waarden al dan niet gecombineerd met de blik vooruit zowel als de fun van entertainment werden dit jaar duidelijk op prijs gesteld.

 

 

OMAR SOSA, Solo Piano

 





Deze Cubaanse pianist richt zijn blik al een tijd op Afrika en ’s mans recentste CD is de naar binnen gekeerde Calma die hij opnam in de overtuiging dat niet alleen hij nood heeft aan meer rust, maar dat wel meer mensen behoefte hebben aan een rustiger levensstijl en minder gejaagdheid. De eerste klank die hij neer liet komen kwam uit een synthesiser. Hij begon traag op de vleugelpiano te spelen en in de eerste sample met woorden dook het woord 'Afrika' al liefdevol op. De indruk drong zich op dat de man vandaag weinig anders wou overbrengen dan zijn innerlijke wensen voor de buitenwereld toen in de volgende vocale sample bij het openingsnummer de woorden “Justice, freedom an’ peace” weerklonken. Het soort idealisme dat de oprechte menselijke aard kenmerkt, al beschikt de realiteit ook wel es anders. Dat hij te vroeg op ’t knopje drukte en de laatste herneming van deze woorden eindigde op “pee” was dan ook vast geen toeval, maar een beschikking van de cosmos. Dat bracht hem niet van zijn stuk. Het merendeel van de nummers die Omar Sosa bracht, klonken als meditatieoefeningen om rust te vinden en de wereld te nemen zoals die is, in het bijzonder de ogen en oren open voor het schone dat mensen doen weerklinken op straat in Afrika. Daar had hij samples opgenomen van stemmen, percussie en andere geluiden uit het leven van alledag. In zijn trance bij mooie herinneringen en zijn eigen gevoelige pianospel verweefde hij een  heel persoonlijk bidden voor een betere wereld.



Wie hoopte dat de meditatie ook zou resulteren in de kracht om halverwege voor een ommeslag te zorgen en in een levendig dansende  tweede helft van de set te voorzien,  kwam bedrogen uit. Energiekere stukken maakten wel deel uit van zijn concert en daarbij haalde hij uit met Cubaanse patronen en de heerlijkheid van prachtige klassieke muziek. Maar langer dan twee nummers na elkaar speelde hij niet medium of uptempo. Dan koos hij liever voor de ijlere sferen, alsof de term 'New Age' in ons op moest komen en zwart op wit gedrukt. Van deze man kan niemand zeggen dat hij zijn Talenten begraaft, hij draagt zijn religiositeit uit zonder anderen hun keuzevrijheid te ontzeggen. May not be your cup of tea, but you better respect that, folks!





Danny De Bock

 

FRED VAN HOVE OCHGOT OCTET






De volgorde van aantreden van de acht muzikanten duidde erop dat enkele afspraken waren gemaakt over de structuur van waaruit vertrokken zou worden om dit free jazz concert op te bouwen. Aan Els Vandewijer had de oude meesterpianist de intro toevertrouwd en die speelde zij met veel zwier, zij zorgde voor een krachtig, melodisch aanwakkeren waarin na enkele minuten drummer Ivo Vander Borght haar bijviel en Fred Van Hove eerst met enkele spaarzame, al gauw kronkelende toetsen nog meer vrije bewegingen aan toe begon te voegen.



Toen zij een tiental minuten als trio aan het spelen waren, kwam Evan Parker op sopraansax kalme lijnen aandragen bij de onrustige van de drie. Ook Van Hove koos dan even voor rustiger spel, maar er zat meer wind aan te komen. Brötzman kwam meespelen en we kregen een onbegeleid duo Parker/Brötzman, waarop Ken Vandermark kwam plaatsnemen om in te vallen met klarinet. Toen werd ’t hectisch, bijna supersonisch snel en op ’t scherp van de snede herinnerden drie buitenlandse blazers aan de Free van de tweede helft van de jaren ’60, de samenwerking van Amerikaanse en Europese beeldenstormers en hun vlucht vooruit in abstractie en schijnbaar dolle chaos. Toen deze drie gas terugnamen begon Bart Maris op trompet mee te blazen en kreeg hij van de drie de ruimte voor een geďmproviseerde felle solo. Vandewijer bespeelde daarna opnieuw de vibrafoon, met handschoenen met balletjes en toen was het de beurt aan André Goudbeek om zich op altsax te laten gelden en hij ging op in een duo met Vandewijer.  Als in een suite waarin geen stilte viel bleven de kleinere coalities aanhouden en werd een vrije lyriek uitgewerkt die zich ahw dichter bij het klotsen van golven van een woeste zee op scherpe rotsen begaf dan doorsnee stervelingen aandurven. Ongemeen overweldigend of chaotisch klonk het niet, hier speelden natuurelementen hun rol in grotere gehelen. Zo werden met een merkwaardige sereniteit structuren gebracht die zo evident zijn als de logica van aloude chemische verbindingen – natuurlijke materie waarin lang niet iedereen zich verdiept. De focus verschoof nogmaals naar Van Hove en Vandewijer, de oude Meester lijkt in eigen land wel geneigd aan haar de fakkel door te willen geven, maar bevestigt ook de krachten van Maris, Goudbeek en Vander Borght. Helemaal solo kon Van Hove niet gaan, want de linie van saxofonisten kwamen weer aanzetten. Na de suite van ruim een uur en luid applaus van het publiek begon de oude Belgische meesterlijk pianist solo, gaf Vandewijer de boodschap door dat hij graag een duo wou met Brötzmann – remember hun samenwerking bij Machine Gun en iets minder beroemde geweldige platen. En vandaar ging het geleidelijk, maar snel naar de tweede collectieve uitbarsting , als een ode aan die big bang van die jaren ’60.




Danny De Bock




RANDY WESTON’S AFRICAN RHYTMS TRIBUTE TO JAMES REESE EUROPE




 
Het derde optreden speelde ook in de kaart van de contrastwerking tussen de verschillende concerten van de dag. Hierbij ging de aandacht naar de prille ontstaansgeschiedenis van de jazz, met de aandacht op bandleider James Reese die zo’n honderd jaar geleden show maakte. Dansbare muziek, blues en marsritmes, min of meer zoals ‘t toen moet hebben geklonken. Weston opende solo met 'Take Me Back Home, Baby' en stelde dan de bandleden en hun instrumenten voor. Het tweede nummer, the Memphis Blues was aan hen, zonder Weston, met sax, tuba, trombone, banjo, drums, percussie en contrabas. En op oude thema's en tradities borduurde de show verder. De band zag er uit als een bende piraten of  een bond allegaartje dat geleid werd door een piraat, TK Blue die hier en daar dirigeerde en zelf lekker sopraansax en fluit speelde. Weston praatte de voorstelling aan elkaar en die bleef luchtig en levendig klinken. Die energieke en warme ontspannings- en dansmuziek voor de uitgebuiten en de onderdrukten van toen blijft iets hebben en mag nog wel eens opgerakeld worden. De geschiedenis moet niet vergeten worden, de labeur en de veldslagen, de muzikale basis voor zoveel boeiende uitlopers, de roots waar ook een Charlie Mingus inspiratie ging halen. Het hoort erbij en past op zo’n feestelijke editie als deze die de voorgeschiedenis van het festival echt uitdiepte. Ideaal voor dixielandliefhebbers, een aangenaam tussenstuk voor anderen. Luchtig en toch niet te onderschatten. Vrolijk ondanks... Entertainment om de zinnen te verzetten. Met een blikvanger als Alex Blake op bas die indruk maakte met zijn veel meer slaan op de snaren dan plukken of liefdevol beroeren, hij klonk ruw en krachtig. Het moeten sterke handen geweest zijn die ’t harde leven volhielden. En Blake hoefde niet te vrezen de vergelijking te moeten doorstaan met pakweg een Charlie Haden. Om af te sluiten pakte Weston toch nog uit met wat anders: een deugddoende, geďnspireerde versie van zijn 'Hi Fly'.

 

Danny De Bock

 

 

LIBERATION MUSIC ORCHESTRA




Van het concert ter afsluiting hadden wij misschien te veel verwacht. Met dit project, gestart in 1969 onder het presidentschap van Nixon, hadden Charlie Haden en Carla Bley van meet af aan een pleidooi voor ogen voor een betere wereld. Prachtige muziek die de lelijkheid te lijf wil gaan en aanklachten uitspreken tegen oorlogen en de al te zware ecologische voetafdrukken van Slechte Politiek en Economie. Met namen noemen bij, zij het enkel die van Republikeien. Je hoeft er maar bij stil te staan en je verbaast je er niet meer over dat het met een groot engagement niet op elk moment muzikaal even sterk uit wil pakken. We durven het aan de dalende temperatuur toeschrijven dat er niet helemaal uitkwam wat er op papier in zat. Die ene dag dat er wat stralende zon doorkwam, koelde het ’s avonds snel en meer af dan de vorige. Haden moest zijn handen warm blazen. Maar het hield hem niet tegen om de aanwezigen op het hart te drukken dat wij onze levensomgeving met respect moeten behandelen. Het belette hem niet om het laatste nummer in te leiden met gestreken bas en heel treffend walvisgeluiden na te bootsen. 'Song For The Whales' van 'Old and New Dreams', nog een ander project, één met oa Dewey Redman.  Om maar te zeggen dat het met de ideeën en de techniek wel goed zat.

 

 
 
Een sterke groep van talenten bemande deze bezetting van het Liberation Music Orchestra. Elk nummer dat ze speelden klonk heel gedegen en de schoonheid van de composities was overtuigend. De melodieën, de structuren en de solo’s waren prachtig, de ritmesectie met Matt Wilson op drums sterk en strak. Het was genieten van 'Not In Our Name', van 'This Is Not America', van 'Blue Anthem', van 'Els segadors', van 'Amazing Grace'. En toch. Behalve het stijlvolle spel van het orkest en de fijne solo’s hadden we graag iets meer gehad, dat verrassende van een geniale ingeving, zo’n ongehoorde ontwikkeling... als die ene die Tony Malaby dan toch uit zijn sax toverde. Zo’n blijken van genialiteit hadden we niet verwacht met één of twee vingers te kunnen tellen.
 



Danny De Bock





 

UP !

 

© JASSEPOES

 

HOME - JASSEPOES index